De slaapkamer is de kant van mijn plek waar ik uitkijk op de weien. Heel vroeg in de ochtend hoor ik ze al grazen vanuit mijn bed. De paarden vlakbij die me onmiddellijk over de streep hielpen om hier te komen wonen. Wanneer ik thuis kom ga ik hen eerste even groeten, hoe laat het ook is. Wakker zijn ze toch.

Met mijn knieƫn opgetrokken zit ik op een lage houten bank. En ik kijk naar hem. Mijn jongste is goed in wat hij doet. De doelgroep waar hij mee werkt voelt de acceptatie en empathie. Het vervult me met geruststelling en warmte. We praten samen met de gasten en tegen elkaar. Zonder veel te zeggen voelen we dat het goed zit. Dit andere leven van hun moeder lijkt stilaan voor mijn jongens een plaats te krijgen.

Wanneer ik rondkijk in mijn nieuwe woonst, voelt het elke dag meer als thuis. De kasten die er staan raken stilaan gevuld met de spullen uit mijn vorig leven.

Ik heb ook een grote, nieuwe tafel. Wit is de kleur die overheerst. Mijn laptop en stofzuiger omdat er geen andere kleur beschikbaar was maar voor de rest bewust gekozen. Het geeft rust, die neutraliteit. En ik hou van wit.

Het blijft nog wel zoeken in dit nieuwe leven. Niet meer op de begane grond wonen, neemt veel werk weg. Ook alleen wonen, dus alleen vuil en rommel maken valt ook wel mee. Hele dagen huishoudelijk werk in huis en tuin verrichten zoals vroeger is er niet meer bij. Ik maak ruimte voor andere dingen.

Dit leven, een onvermijdelijke maar juiste keuze met haar sporen achter en naast me. Er valt heel wat te zeggen en schrijven over alles wat scheiden teweeg brengt. Dat je soms een lichaamsdeel lijkt te missen en anders intens rustig kan worden bij de beslissing die je genomen hebt. Dat constante duelleren met jezelf in het zoeken naar evenwicht.

Maar het gaat goed met me. Ik kom er wel, met alles dichtbij wat me lief is.