door aandewaterkant

Geel is niet mijn kleur. Het doet me terug denken aan vroeger. Toen ik het geweldige idee had om onze slaapkamer geel te behangen. Jaren lag ik me ’s morgens met mijn ogen open te ergeren. Ondertussen blij met mijn slaapkamer in neutrale tinten.

Vanuit mijn zetel in de tuin kleurt nu alles geel. Vorig jaar vond ik de koningin van de bodembedekkers, Waldsteinia. Het bloeit en groeit dat het een lieve lust is en haar gele bloemen neem ik er deze lente graag bij.

Er komt veel volk over de vloer, en haar had ik al lang eens verwacht. De zonnige dag van gisteren was een dag van warm ontmoeten. Zij heeft veel kindjes op de wereld gezet en verstaat het vrouwelijk wezen als geen ander. Net wat ik nodig heb in deze dagen.

Het pitst soms in mijn buik. Alsof de rest van mijn vrouwelijkheid protesteert en haar weg opnieuw zoekt. Ik leg twee handen op mijn buik en wrijf. Aanraking is aandacht, zegt de oude tuinier, en ik voel dat mijn handen rust geven. Alles is gevoelig. De kwetsbaarheid die ik bij mezelf voel, ken ik niet zo goed meer. Ik stond nogal stevig in mijn boerderijschoenen de laatste maanden. Nu wandel ik al eens rond de blok en leg mij dan terug neer. Blij.

Iets de tijd geven is niet mijn sterkste kant. Zelfs bij het zaden planten, kijk ik de volgende dag al of er toch niets uitkomt. Starend over het zwarte zand denk ik de tijd een handje te kunnen helpen. Misschien ga ik in de zomer toch weer eens mee met de oude tuinier naar zijn Zen groep. Het mediteren bevalt me wel. Dat ik er nog veel in moet bijleren, besef ik deze dagen maar al te goed.

IMG_0274IMG_0275IMG_0276

Advertenties