aandewaterkant

aandewaterkant

Maand: september, 2012

Het is nog niet zo lang geleden dat ik die motivatiebrief schreef. Met de juist gekozen woorden om duidelijk te maken dat ik toe ben aan een nieuwe uitdaging binnen de instelling waar ik werk. Het heeft niet mogen baten ondanks een goed gelopen sollicitatie parcours.

Gisteren was ik op het werk de mails aan het overlopen alsook de vacatures.

Lees even mee:
Je maakt deel uit van de dagbesteding. In de boerderij geef je de bewoners de kans om deel te nemen aan alles wat zich op en rond de boerderij afspeelt. Jouw kerntaak is om de mogelijkheden die een boerderij biedt zo aanpassen dat onze bewoners uit verschillende doelgroepen er een zinvolle dagbesteding krijgen. Daarnaast heb je, samen met de tuindienst, een belangrijke rol in het beheer en verzorging van de dieren, het onderhoud van de serre en moestuin en alle omliggende gronden en weiden.

Vaak wandel ik met bewoners naar de boerderij. De lange oprijlaan met beukenbomen aan de kant, maken me rustig en ik voel het ook aan de persoon waarvan ik de rolstoel duw. Ik stap altijd binnen in de gigantische serre en geniet van de typische serre geur en sfeer. Vooral de zon die schijnt in het voor en najaar maken van die plek een bijzonderheid.

De vorige sollicitatie was een weloverwogen keuze. Ik zou mijn huidige leefgroep verlaten en ergens anders voor lange tijd starten.

Dit is anders. Deze functie is voor een jaar in te vullen. Twaalf maanden iets helemaal anders. Veel in de buitenlucht en in werkbroek.

Ik zou het willen roepen, neem mij!

Maar eerst schrijven om te motiveren en dan hopelijk mogen praten om te overtuigen. Best spannend.

Het is nu 16.52, zie ik op het klokje onderaan de computer. Ik loop nog steeds in huiskledij, laat we het maar zo noemen. Het is maanden geleden dat ik een halve voormiddag doorbracht in bed. Opgestaan doe ik een grabbel op de stoel met kleren, waarvan niets er meer echt strak gestreken uit ziet. Er wordt niemand verwacht en de huisgenoot en ik doen ieder ons eigen ding in huis en tuin. Pas vanavond zal ik wassen en het gestreken goed uit de kast halen voor een fijn etentje.

De Beaufort04 kunstroute aan zee is prachtig. De opspattende gele golf tegen de blauwe lucht, maakt me helemaal blij. Maar de zandworm maakt het meeste indruk. Een aards gevoel van dicht bij de natuur, dat is wat ik voel wanneer ik door het zand stap in die gigantische constructie.


De zee voelde woensdag weer zo vertrouwd en ik bleef maar herhalen hoe heerlijk zout de lucht proeft en de wind zo opgetogen speelt.

In de academie ben ik weer op weg. Het blind tekenen blijf ik spectaculair vinden. Het oog kijkt en de hand tekent wat het oog ziet. Er wordt niet op het blad gekeken en het potlood blijft op het papier. Een hele dag blind tekenen en blind kleien is best intensief. Maar omdat het denken over elke lijn wordt uitgeschakeld, krijg je de meest verrassende resultaten. Het derde jaar lijkt soms op de eerste dag als ik de anatomie van het model probeer vast te leggen. Maar zoals ik de laatste dagen een paar keer dacht: starten in de academie is een van mijn betere beslissingen. Zonder meer.

Ondertussen is het zondag en schreef ik dit stukje over verschillende dagen. Omdat vakantie altijd verrassende wendingen heeft. Vooral dit verlof, dat we gewoon thuis blijven en dwalen over huis en tuin. Alles meenemen wat er in onze eigen buurt georganiseerd wordt en daardoor heb ik het koffers pakken nog niet gemist. Ik zie ze weer stralen daarbuiten en ik ga u laten, daar aan de andere kant. Mijn stalen ros staat klaar voor een lange tocht!

Met de ramen wijd open rijd ik huiswaarts. Eindelijk de langverwachte vakantie op zak. Iedereen is thuis bezig met afscheid nemen, tot straks of morgen en dan wordt het stil. De rest van de zondag ligt aan mijn voeten.

Vanmorgen stap ik in alle vroegte buiten en voel september leven. De mist hangt over de appelboomgaard en ik zie de bakken voor de pluk al klaar staan. Is het nu al weer zover, bedenk ik, en herhaal bij mezelf het cliché dat de tijd vliegt. Het voorspelbare begin en einde van de natuur en het leven, geven rust.

Dan is het ook twee jaar geleden, op de dag, besef ik later. Ik pakte na mijn grote tocht opnieuw de rugzak omdat ik vergat ‘echt’ afscheid te nemen van het tochtleven. Thuis voelde na mijn grote stap niet meer als thuis. Een week stapte ik in het noorden van Spanje, opnieuw in voetsporen van duizenden anderen. Altijd de zon boven mijn hoofd en de avonden eenzamer dan ooit tevoren.

Gisteren op dat zonovergoten terras kon ik het weer eens zeggen. Tegen hem waar ik niet mee samenleef maar die bijna even diep in mijn hart zit. Hij kent mij goed, al veel jaren en dat is wederzijds. Als hij zegt dat ik er goed uitzie, weet ik dat het helemaal gemeend is. Wij doen niet aan lange intro’s en censureren niet. Ik mag hem eens stevig vastnemen en hij doet dat ook.

Nadien neem ik de langste weg met de fiets naar huis. In de grote wei mogen de magere melkkoeien ook eens van stal. Mijn haar waait alle kanten uit door de warme zuchten en ik voel een soort van zegening zonder heilige door de vriendschap.

Morgen ga ik een hele dag stappen. Er is geen beter begin mogelijk van mijn vakantie.

Ze hebben iets menselijk. Net zoals ik soms denk dat wij mensen, en beschaafd, iets dierlijks hebben. Zijn donkere ogen kijken mij aan en ik heb moeite met de kleur ervan uit te leggen. Het enige wat hij doet is zijn hoofd intrekken en zich verstoppen, wat gebogen in het kleine deurtje. Het domein dat hij bezit is niet groot en heeft niets weg van zijn natuurlijke habitat. Een hoop onkruid met water rondom, dat borrelt van het vuil. Ik kan er niet tegen, denk ik bij mezelf, maar stap verder om de rest van de triestigheid te bekijken, wandelend vanachter een rolstoel.

Het is een jaarlijks terugkerende uitstap, De Olmense zoo. Maandag had ik mijn collega’s nog proberen te overtuigen. Parken voorgesteld, wandelpaden geschikt voor rolstoelen aangekaart. Het heeft niet mogen baten en zo liep ik dinsdag uur na uur meer over mijn toeren rond in dat grote Olmense bos.

Zo zag ik:
Doodshoofdaapjes die spelen met grote dode vissen aan de kant. Het water is helemaal overwoekerd door planten en bevat geen zuurstof. Met open bekken dolen de overlevende vissen aan het wateroppervlak. Apen eten volgens mij geen vissen dus liggen ze te rotten in de blakende zon.

In een kleine kooi zitten twee majestueuze uilen. De verzorger komt de kooi binnen en duwt de uil een dode muis onder zijn bek. De uil draait zijn hoofd om en toont geen enkele interesse voor het voedsel. Ook als de verzorger buiten de kooi is raken de uilen het eten niet aan. En blijven stokstijf zitten.

Ik loop over de hangbrug waar het beren bos zich bevindt. Een grote bruine beer kijkt wanhopig omhoog naar iedereen die passeert. Het doet me denken aan een blik van een circusbeer aan een ketting die ik ooit zag. Ze leven samen met witte wolven die schuw langs de kant lopen en op hun vacht zijn de afdrukken te zien van berenklauwen.

Mijn lijst is te lang om volledig neer te schrijven. Vannacht droomde ik over zwarte panter en gorilla ogen. Over opgesloten ten toon gesteld worden in te kleine en vieze kooien. Vanmorgen schreef ik het neer op het contactadres van de Olmense Zoo.

Ik hoef geen antwoord maar hoop dat het een kleine hint van bewustwording kan zijn.