aandewaterkant

aandewaterkant

Maand: augustus, 2012

Elk jaar weer een feestmoment. De overrijpe tomaten gaan de pot in voor een verse tomatensoep. Het sap loopt door mijn vingers en ik probeer zo weinig mogelijk te verliezen. Een toren verse basilicum, die met haar geurigheid, een zuiders tintje aan de keuken geeft. Al is dat natuurlijk overdreven, maar het is het gedacht dat telt.

Het gaat weer beter, dat schrijven op een wit blad. Die bril zit er natuurlijk ook voor iets tussen. Zonder traan en pikkende ogen is het net iets aangenamer werken. Alleen dat op en af is soms wel vermoeiend. Misschien dat ik me eens een koordje aanschaf.

De radio speelt op de achtergrond en ik vang hier en daar een woord op. Ilse Beyers, hoofdredacteur van Dag allemaal, vertelt over haar jeugd. Ze spreekt de angst uit die haar moeder heeft als ze op de radio vertelt dat ze aten van voedselpakketten. Deurwaarders die bijna als vrienden beschouwd werden omdat ze met de regelmaat van de klok aan de deur stonden. Dit alles omwille van de alcohol, vaders beste vriend.

Het belangrijkste is, zo herhaalt ze, dat alles goed kwam met iedereen. Ondanks alles. Ik ben blij met haar woorden en de natuurlijkheid waarmee ze de problemen erkend. Uit eigen ervaring weet ik dat het veel makkelijker is om te zeggen dat alles was zoals het hoorde.

Niet de alcohol of honger die ik herken. Wel jezelf de goedkeuring geven om te erkennen dat het niet allemaal rozengeur en maneschijn was. Voor mij het belangrijkste dat er geen wrok of angst meer is en het besef dat je er, uiteindelijk, veel wijsheid mee verwierf.

Ik zou er witte bladeren vol mee kunnen vullen. Met dat ‘er was eens’ verhaal. Ooit broed ik dat ei nog wel eens uit.

De achterdeur valt altijd met dezelfde doffe klap dicht. Daarna valt de rust van thuis over mij en het volgende half uur loop ik op automatische piloot rond. Senseo opzetten, aanrecht opruimen en was bij elkaar rapen. Al snel draait de machine, staan de deuren open en zit ik even op mijn gemak met een tasje koffie. In de stilte en de rust, met in mijn achterhoofd een lijst wat ik allemaal nog wil doen de rest van de dag.

Maar eerst dit schrijven terwijl de wind aan mijn voeten speelt en ik van ver de zinnia’s op de wind zie dansen, met hun stengels die precies blijven groeien. Als je bedenkt hoe ik die piepkleine zaailingen een voor een geplant en verzorgd heb.
Mijn hoofdpijn ebt zachtjes weg nu. Gelukkig kan ik tot rust komen, ontsnappen uit de drukte en het leven onder een bewind waarin anderen alles voor jou beslissen.

De mensen die ik verzorg wonen met 10 samen in een leefgroep. Ze worden in groep gewassen, eten samen, leven erg dicht bij elkaar. Er is veel lawaai, omdat praten niet gaat en geluid voortbrengen de enige manier van communicatie is. 10 mensen, tien verschillende geluiden door elkaar. Dag en vaak ook nacht. 10 mensen met zoveel zorgen. 2 opvoedsters die hen die zorgen moeten, willen geven.

Omdat ik geboren ben met een gezond hoofd kan ik kiezen. Nu kiezen om te schrijven, straks om te wandelen of strijken. Mijn benen en armen slaan niet alle kanten uit en in een menigte kijken ze mij niet aan omdat ik er anders uit zie.

Het zijn moedige mensen, die met een zware beperking. Ze zeggen en weten het zelf niet. Maar vandaag doe ik het in hun plaats. Dat je verdorie niet het beste levenslotje getrokken hebt om op die manier te moeten leven. Dat je, ondanks een laag IQ, toch moet proberen om te blijven bestaan omdat opgeven nu eenmaal geen optie is.

Ik bewonder hen daarvoor en daarom blijf ik na al die jaren nog met evenveel motivatie tussen hen in staan.

Net zoals mijn tuin slorp ik de frisheid van het gevoel op dat je hebt na een regenbui. Mijn winter preitjes staan kaarsrecht in het zand dat eindelijk voldoende vocht krijgt. Hier en daar zijn herfstkleuren al zichtbaar en de ochtend vertelt dat september komende is. De zonnebloemen die ik opgehangen heb, zijn al volledig leeggegeten. We hebben een soort van gulzigheid onder de huisvogels.

Na deze week schilderen en klussen, voel ik mijn spieren overal. Ik loop over de kurk en zie dat het zonlicht op de juiste plaats valt in de vroege uren. Vanaf vandaag ga ik weer een paar weken werken in de instelling met uitzicht op het septemberverlof. September mag zich laten kennen door gouden ochtenden en zachte herfstavonden. Dan zullen de druiven ook blauw zijn en de pompoenen soep klaar.

Door al dat binnenklussen, heeft mijn tuin weinig aandacht gehad. Dat ga ik deze week tussen alles door goedmaken. Het hoekje aan de compostbakken verdient een grondige opruimbeurt. Ook achteraan kan ik niet langer wegblijven.

Daar lag hij helemaal verstopt, toen het einde naderde. Dat voelde die viervoeter zelf waarschijnlijk beter dan wie ook. Ik kwam er niet de laatste maanden omdat ik dacht elke keer zijn zwarte vacht weer te zien. Ik heb er al gestaan met de grote spade en de aarde door elkaar gerommeld. Het restje uit de compostbakken zal dit stuk bedekken en dan wordt er een boom geplant.

En dan nu, weg voor het scherm en de dag aanvatten…

Hard, denk ik bij mezelf, die aardappelen uit de tuin. Het aardappelmesje misschien, dat nooit echt scherp mag zijn omwille van mijn onhandigheid. De oude tuinier heeft me gisteren al verteld dat ze erg geel en smakelijk zijn. Ze staan dampend op het vuur en mijn huisgenoten zijn al een paar keer over de potten komen hangen.

Terwijl ze de kurk op de zoldervloer leggen, sta ik even aan de kant. De laatste schilderwerken heb ik vanmorgen gedaan terwijl iedereen nog lag te ronken. Mijn deel vandaag is lekkers koken en op tijd en stond koffie zetten.

De vrouw van de oude tuinier kwam langs in haar zondagse rok. Koffie had ze graag, dat wel maar vooral een luisterend oor. Ik tel de schepjes koffie in de filter en hoor haar voor zichzelf praten over verdriet dat is en woekert. De oude tuinier is geen man van praten, probeer ik haar uit te leggen. Ze kent hem veel langer dan ik dus is mijn vaststelling eigenlijk overbodig. Ze weet maar voelt het ook en de eenzaamheid wat dat betreft doet haar vluchten thuis. Deze zondag dus aan mijn tafel. Na koffie en chocolade en een rondleiding tussen de buien door in de groentetuin, gaat ze naar mijn gevoel rustiger terug naar huis. Het is voorspelbaar dat de oude tuinier in zijn serre ligt te slapen op een aftandse lig zetel.

Het schrijfblad staat open in de keuken. Aan de toog waar ontbijtjes gegeten en aperitiefjes gedronken worden. De hoge stoelen zorgen niet voor schrijfcomfort maar verkoeling geeft deze plek wel. Wanneer ik verder dan het keukenraam kijk, heb ik ‘inkijk’ bij de buren. Gisteren ontdekte ik de buurman zijn ‘inkijkgaatje’. Vanachter een losgepeuterde houten plaat, met zicht op ons zwembad. Waar ik met dit weer wel eens naakt durf te zwemmen. Moet ik nog meer uitleg geven?

Vandaag is de atmosfeer gelukkig minder heet, weerom menselijk zomer, als je het mij vraagt. Tussen het schrijven door, loop ik rond in huis. Zo maak ik de afwasmachine leeg en sorteer de plastiek bakjes op vorm en soort. Met water en zeep had ik gisteren al eens rondgelopen. Niet overbodig na bezoek dat vrijdag met een tent arriveerde en die we zondag uitzwaaiden.

We hebben verlof deze week. Geen dagen van nietsdoen maar vol klussen. Niet onaangenaam als je bedenkt dat de deugd daarvan langer duurt dan een vakantieherinnering.

Er wordt een strak plan gevolgd voor die zolder, u weet wel, en mijn vingers jeuken om achteraf aan een grote opruim en poetsactie te beginnen.

Zaterdagavond deed ik iets uit een ver verleden. Of het kwam door de gezelligheid of de hoeveelheid alcohol, ik weet het niet. Ik zag de man gedurende de avond hetzelfde ritueel volbrengen. Tabak, blaadjes en vingers die vakkundig rollen. Voorzichtig fluisterde ik mijn goesting in zijn oor en na een paar minuten inhaleerde ik alsof het gisteren was.

Sommige heerlijkheden gaan nooit helemaal over.

Eindelijk weer eens tijd maken om aan de schrijf te gaan. In deze huis, tuin en keuken dagen altijd wel iets anders te doen dan lang aan de computer zitten. Wat een idee, dat franje gordijn. Nee, echt niet om de vliegen buiten te houden, zegt het jonge meisje achter de kassa. Ach, we proberen het en ik leg gepaste 2.10 cent op de toonbank. Voor weinig geld juist wat ik nodig heb om het gevlieg buiten te houden.

Een energie storm zoeft door het huis. Dat er een zoon terug thuis komt, schreef ik al eens een keer. De ruimte die jaren dienst deed als muziek ruimte wordt nu stilaan een soort van loft waar geleefd kan worden. Maagdelijk wit aan de kanten en natuurlijk kurk op de vloer. Ik geniet van de bedrijvigheid en het geeft me energie. Kamers die al jaren stil lijken te staan worden opgeruimd en afgewerkt. Het lijken wel lentekriebels in hoogzomertijd.


Zondag vertoefde ik uren in mijn voortuin. Mijn handen zien weer zwart tot diep in de poriën. Het geeft me een gevoel van verbondenheid met de aarde. Op mijn knieën en mijn schoenen aan de kant omdat blote voeten mijn favoriete pose is. Dat het misschien geen zicht is vind ik de moeite niet om belangrijk te vinden…

Vanmorgen zong ik een liedje, wandelend door de tuin. Over goeiemorgen, goeiedag en blij dat ik je weer ontmoeten mag!