door aandewaterkant

Één voor één rollen de groene knikkers uit mijn handen. Jonge erwten is het lekkerste wat er is uit de groentetuin. Niets wat hun zoetheid evenaart. Ondertussen klatert de regen op het afdak waaronder ik zit. Het dak bewaart de zonnewarmte zorgvuldig. Na de regen vliegen de vogels weer alle kanten uit. Vermoedelijk verschuilen ze zich ook voor de druppels, slim als ze zijn.

Onze garage is groot genoeg, zeg ik de huisgenoot, nadat ik van mijn plannen verteld heb. Het academiejaar is bijna gedaan en vooral die twee maanden vakantie wil ik gaan ontdekken. De garage met zijn materiaal dat eigenlijk tot niets dient, zal mijn uitvalsbasis worden. Geen idee wat het zal worden. Dat zien we wel gaandeweg.

Ik sla dit schrijfsel op en na een paar uur zit ik opnieuw voor het scherm. Een presentatie voor kunstgeschiedenis, wordt de laatste stuiptrekking van het academiejaar. Gelukkig is die ene zoon thuis om zijn moeder te helpen. In ruil geef ik hem eten en drinken met net een klein beetje zorg extra.

Vanmorgen was het vroeg, als in erg vroeg. Om 6.30 blaast mijn strijkijzer zijn eerste stoom uit. Zo vul ik mijn slapeloze uren met nuttigheid.

Vanavond zie ik deze dame. Haar tekst is veelbelovend voor de komende nachtrust.

Advertenties